Het huis Hentar
12
De huidige heersers over Olverra en omstreken. Het huis Hentar beroept zich er op af te stammen van de keizers, de prinsen van Evellierne, de koningen van Doriath en nog van een hele boel andere huizen van aanzien. Op zich is dit niet zo bijzonder, vrijwel iedere familie van aanzien kan zich op de afstamming van deze huizen beroepen aangezien er 40 generaties verstreken zijn sinds de laatste keizer en de huizen van adel in het verleden veel diplomatieke huwelijken met elkaar sloten.
De opkomst van het huis Hentar begint rond het jaar 1120. In die tijd was Vrijheer Selmodan niet meer dan de erfgenaam van een aantal boerderijen en leider van een groep samenwerkende militia's rond de stad Hentar, in die tijd niet meer dan een dorp met een stevige pallissademuur. Hentar was schatplichtig aan de graven van Olverra, welke op hun beurt weer schatplichtig waren aan de Prinsen van Evellierne. Selmodan wist zich te omringen met een aantal deskundige adviseurs en wist zich op te werken tot de belangrijkste militialeider in de omgeving van Hentar. Toen de Huurlingenkoning Karol van Doriath in deze streken zijn machtsgebied uit kwam breiden zag hij zijn kans schoon om zich in het zog van deze generaal verder omhoog te laten stuwen. Kwade tongen beweren dat Selmodan het grootste deel van zijn rijkdom bij elkaar wist te stelen van mensen in zijn omgeving. Evellierne werd verslagen en Selmodan werd regent over Hentar.
Selmodan stierf in het jaar 1158 en liet zijn positie over aan zijn enige zoon Dolgan. Deze wist optimaal te profiteren van de titel van regent en bouwde Hentar uit tot een echte stad. Na de dood van karol van Doriath braken en allerlei onrusten uit, waarbij Dolgan om het leven kwam. Zijn enige nakomeling Bor kwam minderjarig op de troon. In die tijd hadden de adviseurs van het huis Hentar bijzonder veel invloed, maar Bor bleek toen hij opgroeide een talentvol intrigant. Hij wist zeeer bekwaam de ene na de andere buurman tegen elkaar uit te spelen en zette het kapitaal van zijn vader om in een sterk leger.
Ook Bor stierf op vrij jonge leeftijd. Zijn enige zoon Lothar riep zichzelf uit tot graaf. De koning van Doriath pikte dit niet en stuurde een expeditieleger om Hentar mores te leren. Dit leger werd verslagen voor de muren van Hentar. Lothar bschikte nu over een sterk en getraind leger en begon zijn buren aan te vallen en de onderwerpen. In een periode van 10 jaar tijd wist hij de meeste andere nobelen in de directe omgeving uit het zadel te lichten of te onderwerpen. Lothar was een begenadigd krijger, trouwde vrij laat in zijn leven en droeg pas op hoge leeftijd de teugels van het rijk over aan zijn enige zoon Herman.
Herman was nog ambitieuzer dan zijn vader, maar ook eigenzinniger. Bovendien vond hij het nodig om veel risicos te nemen. Herman was aanvankelijk heel succesvol en profiteerde van investeringen van buiten en een grote toevloed van nioeuwe bewoners uit het oosten. Hij wist bijna alle adel aan zich te onderwerpen en bijna alle steden in de buurt in te nemen, maar hij vergallopeerde zich toen hij het koninkrijk ten weste van de rivier de Marlen binnenviel. De oorlog ontstond toen herman zich met het klooster van de Verbrandde perkamentrol in Ravenach bemoeide, waar op dat moment een zuster van een koning uit het westen verbleef. Deze koning accepteerde dat niet en dreigd Herman met een oorlog. Herman voelde zich beledigd en viel het westen aan voordat het westen hem de oolog kon verklaren. Het eerste jaar had zijn campagne succes, maar zijn tegenstanders mobiliseerden zich op een schaal die Herman niet verwacht had, sneden hem af en dwongen hem tot een smadelijke aftocht. Zoals wel vaker gebeurt in zo'n situatie vielen de meeste van zijn bondgenoten Herman af en dreige het koninkrijk Ravenach, zoals hij zijn rijk noemde, roemloos ten onder te gaan. Na een roerige periode van een jaar werd Herman opgevolgd door zijn zoon Lothar. Rond deze tijd verdwenen twee van de broers van Lothar, het gerucht gaat dat Lothar deze persoonlijk om het leven heeft geholpen en hyet gerucht gaat dat Herman niet vrijwillig afstand deed van de macht, maar min of meer met fysiek geweld toe werd gedwongen door zijn jongste zoon.
Lothar combineert de ambitie van zijn vader met het gevoel voor zaken van Selmodan. Hoewel het gebied van het koninkrijk niet zo groot is als onder zijn vader is het rijker, is zijn leger sterker en zijn macht groter. Het rijk trekt weer nieuwe inwoners en investeerders. Lothar is getrouwd met een vrouw welke volledig in de schaduw blijft, maar die wel dertien kinderen van hem heeft gebaard. Voor het eerst sinds meer dan een eeuw is de opvolging van het huis Hentar zeker maar ook onduidelijk. De koning is niet met ieder van zijn kinderen even goed bevriend hoewel hij ze allen hopeloos verwend heeft. De meeste kinderen wedijveren met elkaar om de gunsten van vader en de vele cadeaus die hij aan hen uitdeelt. Zoals zijn voorvader Selmodan zijn de meeste van die geschenken gestolen van zijn onderdanen.
De adviseurs van het huis Hentar zijn in macht meegegroeid met de voorspoed van hun werkgever. De vijf machtigste adviseurs vormen een soort besloten kliek welke zijn eigen opvolging regelt. In de tijd van Selmodan waren het niet meer dan talentvolle dienaren, maar nu zijn het machten in het koninkrijk. De vijf regelen zelf hun eigen opvolging. Lothar en zijn kinderen hebben geleerd om hun advies te volgen, want ze speelde een belangrijke rol bij de machtsovername van Lothar en de ondergang van zijn vader. De vijf zijn de opperkamerheer welke de hofhouding regelt, de maarschalk welke het leger bestuurt, de spionnenmeester, de schatkistbeheerder en de magister. De eerste hofmagier was niet meer dan een plaatselijke heks die wat drankjes wist te brouwen. De huidige magister is een zeer sterke magica van het purperen patroon welke door de meesters van de academie als hun gelijke wordt gezien.
Vrijheer Selmodan 1098-1158 "de dief"
I
Vrijheer Dolgan 1118-1170 "de profiteur"
I
Vrijheer Bor 1138-1185 "de intrigant"
I
Graaf Lothar 1158-1214 " de generaal"
I
Koning Herman 1178-1234 "de overmoedige"
I
I-----------I-------------I-----------------I--------------------I
Einar Bor Koning Lothar II 1198 Gudrun Vigdis
1195- 1196- I 1200 1223
1234 1234 I
I
I
I-------I-----I-------I------I------I-------I--------I-----I-------I-----I--------I------I
Einar Dorund Bor Orfang Mara Kirsten Selmodan Tirza Desmond Rudolf Rachnild Rane Herman
1223 1224 1225 1226 1227 1228 1231 1233 1238 1239 1241 1243 1248
I
I
I-------I
Senta Cargon
1248 1249
14
Koning Lothar II en zijn zoons Desmond en Rudolf komen om het leven bij een jachtpartij in de buurt van de vallei. De personages vermoeden dat het een val was, waarschijnlijk opgezet door (een of meer van) de vijf voornaamste dienaren van de koning.
15
In zijn testament benoemt de koning zijn derde zoon Bor tot enige erfgenaam, zeer tot verbazing van een aantal van zijn kinderen. Einar, Dorund, Mara en Selmodan wijgeren de regering van Bor te erkennen en gaan hun eigen weg. Bor wordt in ieder geval wel erkend door zijn moeder, zusters Kirsten en Tirza en de stad Ravenach.